De vieringen werden geleid door Anne-Francine van Gogh en Cathérine Verviers. Zij zorgden voor het stramien en de liederen. Volgens goed gebruik in de vrouw-en-geloof-beweging hadden vele deelneemsters een inbreng en via hen alle aanwezigen. Cathérine en Anne-Francine smeedden op de dag zelf alles tot een mooi geheel.

De openingsviering zat vol goede wensen: een vredelied van Huub Oosterhuis en groeten vanuit de PKN, de Bond van Oud-Katholieke Vrouwen, de Unie Nederlandse Katholieke Vrouwenbeweging, de Ekklesia-beweging en de  Oecumenische Vrouwensynode van Amsterdam. Nora Asrami zou aanwezig zijn vanuit de islamitische gemeenschap maar was helaas ziek.

In haar welkom deelde voorzitter van de Vrouwensynode, Jasja Nottelman, mee dat Doreen Hazel op 7 maart overleden was, de vrouw die womanistische theologie in Nederland heeft ontwikkeld. Ze las psalm 23 in een parafrase van Doreen.

In de openingsviering stond een beeld verborgen onder een prachtige doek. Na de lezingen uit Ps 106, 19 en Mt 16,24 werd het beeld onthuld: een gouden stierkalf dat er overigens erg schattig uitzag, vertaalde de keuze waarvoor we gesteld zijn in Bijbelse bewoordingen: dienen we God of de mammon? Dienen we God of een gouden stierkalf? Met een vraagteken… wat doen wij?

Vanuit de workshops wordt aan de slotviering meegewerkt met een gebed, een rollenspel of het lied uit de workshop van Lydia van Maurik. De bijdrage uit de workshop van Aspha Bijnaar gaat over een vrouw die het geld eerder nodig heeft – wat nu? Kasmoni geeft ruimte, afhankelijk van hoeveel ruimte de vrouwen elkaar geven. Immers, een volgende keer hebben ze zelf het geld dringend nodig. Zo kan economie eruitzien als een gelovige houding en met economisch handelen gecombineerd worden.